In de wolken

Je wil niet meer dat ik je omhels.
In mijn plaats hangt nu een sjaal
losjes rond de krop in je keel.

Ik wil hem wikkelen
rond onze gedeelde dagen
zodat jij en ik samen
minder snel vervagen.

De sjaal is langer dan dit afscheid
waar ik niet om heb gevraagd.

Nog één keer
neus aan neus in de kou
ademen wij elkaar
in de wolken.

Advertenties

In de ‘Zeef van de Maand’ november

Ik heb tof nieuws gekregen. Mijn gedicht nachtkastje is blijven liggen in de Zeef van de Maand, een initiatief van Het Gezeefde Gedicht.

Schermafbeelding 2018-11-09 om 11.26.33

 

Ik had ook onverzettelijke traagheid en leegstand ingestuurd. Daarover had de redactie het volgende te zeggen:

“De andere teksten zijn ook mooi geschreven, maar het is eerder mooi geschreven proza dan poëzie. Het tweede rekent veel minder op ‘directe zegging’ en is veel suggestiever. Vandaar.”

De feedback bevestigt hoe ik er zelf tegenover sta. Mijn poëtische teksten flirten vaak met de grens tussen proza en poëzie. Dat maakt mij ook niet uit. Ik schrijf gewoon waar ik zin in heb. Maar het antwoord van de redactie heeft me wel aan het denken gezet. Want wat betekent suggestief? Een online woordenboek heeft het over ‘het oproepen van beelden of gedachten’. Ik moet toegeven dat proza bij mij soms meer beelden en gedachten oproept dan een gedicht, vaak tussen de regels door. Een goed geschreven verhaal kan nog dagen in mijn hoofd malen en inzichten geven. Dat heb ik bij gedichten toch minder.

Ik denk dat de redactie met ‘suggestiever’ ook doelt op de mate waarin een tekst voor interpretatie vatbaar is. Ik heb de laatste jaren prachtige poëzie gelezen. Ik weet vaak niet waarover het precies gaat, maar het gedicht heeft me wel geraakt. Andere lezers kunnen die poëzie totaal anders interpreteren. Dat heb je met proza (en de poëtische proza van mijn teksten) minder. Verhalen zijn eenduidiger, maar wat je eruit haalt verschilt natuurlijk wél van mens tot mens.

Ik begrijp waarom Het Gezeefde Gedicht strenge grenzen stelt. Dat maakt het voor de redactie ook makkelijker om te zeven. Maar het lijkt me, gezien de vaagheid van die grens soms, een moeilijke opgave die bovendien persoonsgebonden is. Ondertussen blijf ik vrolijk flirten met beide (en andere) genres en ben ik vooral dankbaar voor de publicatie.

Geruis

In dit eeuwige geruis blijven wij oorverdovend stil.
We laten de pijn bovendrijven en aanspoelen.
Je graaft je tenen in het zand en je hoofd in mijn troost.
Wolken kabbelen boven de storm die je ademt
en de meeuwen, ze pikken nooit je zorgen mee.

Straks drijft het schijnsel van de maan op zee.
Dan vis ik het uit de nacht, drapeer het rond je slapende schouders.
En als de zon begint te schijnen, breng ik je diamanten als ontbijt.
Elk dag opnieuw zal ik je meenemen naar dit eeuwige geruis
tot de wind mij de juiste woorden influistert.

Love game

Wij zetten onze lijnen uit
in de vorm van een tennisveld
de verwachtingen zijn
gespannen als een net
strak, maar buigzaam.

Wij spreken af
nooit hard te zullen spelen
altijd met gevoel
willen wij mekaar raken

en blijven flirten
met de fouten die we maken
tot het spel van de tijd
onze lijnen vervaagt.

Klateraartje

In een andere kamer hoor ik je
woorden klateren als douchewater.
Ik weet niet wat je vertelt.
Daarvoor is je uitbundigheid te groot
voor de deurspleet tussen ons.

De zon breekt door de ochtend en het raam.
Ze wijst naar je handjes die kleven
aan de glazen douchewand.
De badkamer vult zicht met stoom
en een warmte die alleen een vader kan ervaren.
Ik zet de kraan af zodat je sporen niet vervagen.

Ik zie hoe de nacht
van mijn lijf naar de douchegoot loopt
maar jij mag nog jaren blijven klateren
lieve vierjarige.

Voor mijn dochter, Suzanne.