Introvert & creatief

“Antony, zeg jij eens iets. Jij bent toch creatief?”

Ik zat in een inspiratieloze vergaderruimte toen zo’n twintig collega’s plots hun hoofden naar mij draaiden. Het enige wat toen in mij opkwam, was het schaamrood op de wangen. Een flauw lachje volgde. Ik had tijdens deze brainstorm inderdaad niet veel gezegd. En de vraag die me gesteld werd, maakte het alleen maar erger. Ik voelde me nutteloos en belabberd.

Ja, ik ben creatief. En ik ben ook introvert.

Als bedrijven en organisaties op zoek gaan naar een creatief idee, wordt vaak aan een brainstorm gedacht. En dat is deels terecht. Mits een goede voorbereiding kan het tot verrassende inzichten en ideeën leiden. Alleen voelt niet iedereen zich comfortabel bij die manier van creëren. Het is een vorm van creativiteit op de werkvloer die vooral extraverten aanspreekt. Het groepsgebeuren is de vlam die zijn of haar inspiratie aanwakkert.

Aanstekelijk? Vast en zeker. Maar creativiteit werkt ook anders.

Ik heb ruimte nodig om op mezelf te creëren. Geef mij de mogelijkheid en de tijd om diep na te denken en ik kom met weldoordachte (en liefst originele) oplossingen aankloppen die hand in hand gaan met brainstorms. Bedrijven en organisaties hebben er dus alle belang bij om een omgeving te scheppen waar zowel extraverte als introverte creatieve medewerkers op hun best zijn. Daar kunnen ze best ook rekening mee houden als ze een vacature* de wereld insturen.

Ook de introverte, creatieve medewerker of sollicitant moet zijn verantwoordelijkheid nemen. Hij of zij moet duidelijk communiceren hoe het creatieproces bij hem of haar het beste werkt. Dat is voor iedereen anders. De termen introvert en extravert zijn ook maar twee uiteinden van een spectrum. Een introvert voor twintig man aansporen om een brainstorm te redden, is alleszins een slecht idee. Anders zou ik er tien jaar na datum niet naar refereren in een blogpost over creativiteit en introversie.

*tip voor ondernemers en HR-professionals: vermijd de samenstelling ‘creatieve duizendpoot’. Alle creatieve profielen draaien met hun ogen als ze dat lezen. Wees liever zo concreet mogelijk.

August van Putlei

Ik fietste van mijn huisarts in Deurne naar huis via de August van Putlei. Het was jeugdsentiment dat mij daartoe had aangezet. Twintig jaar na mijn middelbareschoolcarrière ben ik harder veranderd dan het gelaat van deze straat. Huid is vergankelijker dan steen. Ik keek rond, snoof de lucht van melancholie op en probeerde het gevoel van toen te herbeleven. Even zat ik weer op mijn stoere citybike.

Ik dacht terug aan het meisje met de mysterieuze blik en blonde krullenbol. Ik fietste, zij wandelde en soms keken we mekaar secondenlang aan tijdens het kruisen. Maar misschien fietsen mijn herinneringen in slow-motion. Ik zie ze naar me glimlachen, spaarzaam zoals de Mona Lisa. Tijdens die momentjes ging mijn hart wild tekeer en domineerde deze schoonheid mijn gedachten tijdens de rest van de rit. Nooit had ik het lef om haar aan te spreken. Er moet een moment geweest zijn dat we elkaar voor het laatst zagen zonder het te weten.

Ik dacht ook terug aan toen ik mijn middelvinger uitstak naar een roekeloze chauffeur die toeterde en mij rakelings voorbij vlamde terwijl ik naast een vriendje fietste. De chauffeur stopte abrupt, stapte uit en wachtte mij met gekruiste armen op. Toen ik hem naderde, slingerde hij verwensingen naar mijn puberhoofd. Dat is wat ik mij herinner, maar het geheugen neemt je voortdurend in de maling.

Ik dacht ook terug aan het nabijgelegen voetbalpleintje waar ik na schooltijd tot een afgesproken uur tegen een bal trapte en joints doorgaf zonder er zelf aan te trekken. Voor het overige herinner ik me bitter weinig van de August van Putlei. Het is ook maar een banale straat. En toch: waar zat ik aan te denken, al die jaren met de wind in de haren? Ik zou eens terug in dat dromerige hoofd willen kruipen. Dacht ik soms aan later?

Mijn Meindls

Beste Meindls

Dertien jaar zonder misstap. Wauw. Ik ben erg trots op het parcours dat we samen hebben afgelegd. We genoten van vergezichten, klauterden op rotsen en doorstonden stormen. We aanschouwden met open mond de vlucht van andescondors en van reuzenalbatrossen, we zagen dolfijnen en walvissen en we keken naar gletsjers en geisers. We stonden tussen metershoge cactussen en lieten de grond kraken op een verzengende zoutvlakte. We hadden schrik toen een onweer over een bergkam rolde en we plots werden omsingeld door steigerende paarden. We hebben honderden kilometers Vlaamse en Waalse wandelpaden achter de kiezen en vooral veel liefde ervaren. Maar dit hoef ik jullie eigenlijk niet te vertellen. Jullie waren erbij.

De laatste tijd is echter gebleken dat het tussen ons erg stroef loopt tegenwoordig. De situatie wordt bovendien steeds pijnlijker. Dit heeft er helaas toe geleid dat ik ben vreemdgegaan. Ik zeg jullie dit liever persoonlijk want ik weet welke wilde verhalen soms de ronde doen in een schoenkast. Mijn nieuwe geliefdes heten ook Meindl en we hebben elkaar leren kennen in de AS Adventure. Ik ga daar niet over uitweiden, jullie weten hoe dat gaat. Ik heb jullie al genoeg gekwetst. Het komt erop neer dat we goed bij elkaar passen en dat ik overtuigd ben van mijn beslissing. Deze zomer gaan we samen naar het Jura-gebergte en naar de Alpen. Een nieuwe bestemming voor een nieuwe start. Ik besef ten volle dat dit nieuws hard aankomt, maar weet dat ik met veel liefde terugdenk aan onze onvergetelijke momenten samen.

Voor altijd in mijn hart.

Met vriendelijke voeten,

Antony

P.S. Ik wil je nog één beurt geven. Lekker schrobben van tip naar hiel om je vervolgens te masseren met je favoriete lotion.

 

IMG_0647

 

 

Dag Boechout, mijn naam is Antony

Wij wonen langer dan vier jaar in Boechout en ik ben nog steeds nieuw in het dorp. Als introvert heb je meer tijd nodig om een vertrouwd gezicht te worden. Mijn vrouw daarentegen heeft ondertussen een sociaal netwerk uitgebouwd. Ook zij is introvert, maar minder fanatiek. Op woensdag doet ze haar ronde in het commerciële hart van het dorp. Op vier jaar tijd wissel je wel eens wat woorden uit. De groenteboerin weet met welke afgeprijsde groenten en fruit ze mijn vrouw plezier doet, de kapper zwaait met zijn schaar in de hand als ze voorbij zijn salon loopt en de bakker weet ondertussen dat onze zoon hem later wil opvolgen.

Ook ik doe weleens boodschappen, maar tegen mij zijn de winkeliers gewoon … klantvriendelijk. Ik ervaar niet de hartelijkheid die mijn vrouw te beurt valt. Mijn gezicht blijft te nieuw. Dat komt omdat ik voltijds werk en daarom minder winkel, maar het ligt ook aan mijn persoonlijkheid. Als ik bijvoorbeeld naar het scoutslokaal of de atletiekclub ga om mijn zoon af te halen, groet ik de andere ouders met een bescheiden knikje. Ik sta vervolgens waar niemand anders staat. Ik kijk naar de wolken, naar mijn schoenveters, weer naar de wolken, even slinks naar enkele andere ouders die staan te wachten, ik knik gedag als ze mij hebben betrapt, kijk naar de kruinen van de bomen en ik onderdruk de neiging om mijn smartphone te nemen. Mijn vrouw pakt het beter aan.

Zij knikt, net als ik, vriendelijk gedag en gaat dan bij een andere ouder staan die naar wolken of bomen kijkt. Ze zoekt een aanknopingspunt om een gesprek te starten en de trein is vertrokken. De volgende keer dat ze die persoon ontmoet, gaat het er al wat hartelijker aan toe. Haar sociale netwerk breidt uit. Verder jogt ze in dezelfde atletiekclub als onze zoon en staat ze op het punt om zich te engageren voor een ecologische ‘samentuin’. Ik ben ervan overtuigd dat haar aanpak een gezonde en duurzame manier is van samenleven.

Zou ik niet liever een stuk van mijn tijd die nu voor een werkgever is, investeren in vrienden, de lokale gemeenschap en mezelf? Sinds anderhalf jaar werk ik af en toe als vrijwillig redacteur voor het lokale magazine van Het Natuurpunt en bevrijd ik weleens wegen en beken van zwerfvuil. En enkele weken geleden heb ik enkele ideeën ge-e-maild naar de Boechoutse jeugddienst (die enthousiast werden onthaald!). Het is een begin, maar ik voel de nood naar meer tijd voor engagement en initiatieven met gelijkgestemden, ook op artistiek vlak trouwens. Introversie is in ieder geval een slecht excuus om alles bij het oude te laten.

Amazone

Deze ochtend werd ik wakker getjilpt door de vogels. Ik lag in de tent in onze tuin naast mijn dochter, maar ik waande mij in een tropisch regenwoud. Wat een heerlijk gekwetter! Ook enkele enthousiaste duiven begonnen roekoeën, wat mij snel terug naar het verdorde lapje grond bracht waar ik werkelijk lag. Het was een komen en gaan van vogels en insecten die voorbijzoefden en zoemden. Ze profiteerden nog snel van de rust, tot de mens het weer overneemt. Intussen werd mijn dochter wakker als een verwilderde amazone. De vogels hielden hun adem in.

Zelfevaluatie SchrijversAcademie

Antony,

het eerste jaar aan de SchrijversAcademie gaat zijn laatste weken in. De verwachtingen zijn ingelost. Je hebt een beter zicht gekregen op het poëtische landschap en op de regio waar je poëtische stroom zich bevindt. Mocht je op dit moment een label kleven op je eigen poëtica, dan zou je het omschrijven als: anekdotische poëzie die vertrekt vanuit observaties*. Wat dat betreft heb je de neiging om één beeld in een gedicht uit te puren. Dat zorgt voor verstilling, wat past binnen de bundel die je voor ogen hebt. Maar verlies de actie in je poëzie niet uit het oog. Jouw verzen worden bestempeld als herkenbaar, (laconiek) lichtvoetig, spitsvondig, filmisch, verhalend, grappig … Je moet opletten voor sentimentaliteit, clichés en je bent tot de conclusie gekomen dat je jezelf meer uit je poëzie wil schrijven. En soms moet je gewoon dieper graven, man. Schoonheid laat zich niet zomaar vinden. Je bent je ook beter bewust van de materialiteit van poëzie: metrum, rijm, regelafbreking, beeldspraak … Beschouw ze als extra werktuigen om je poëzie bij te schaven. Volgend jaar doe je gewoon op hetzelfde elan verder. Binnen een jaar, als alles goed gaat, ligt er een manuscript met zo’n 35 gedichten in je handen. Zullen we dat afspreken?

*Kenneth Swaenen sprak over ‘zachtmoedige observaties’. Dat vond ik een mooie.

In de zetel ploffen met een essay over poëzie in je handen

1. In de zetel ploffen met een essay over poëzie in je handen.

2. Meteen rechtstaan om een glas te vullen met water.

3. In de zetel ploffen met een essay over poëzie in je handen en een glas water in je buurt.

4. Meteen weer rechtstaan om een stylo te nemen voor aantekeningen.

5. In de zetel ploffen met een essay over poëzie en een stylo in je handen en een glas water in je buurt.

6. Water drinken en beseffen dat de vaatwasser veel kabaal maakt.

7. Meteen weer rechtstaan om een plaat op te leggen.

8. In de zetel ploffen met een essay over poëzie in je handen en een glas water in je buurt.

9. Beseffen dat je stylo nu naast de platenspeler ligt.

10. Meteen weer rechtstaan om de stylo te nemen die naast de platenspeler ligt.

11. In de zetel ploffen met een essay over poëzie en een stylo in je handen en een glas water in je buurt.

12. Een bromvlieg horen met een essay over poëzie in je handen.

13. Beslissen om een tekst te schrijven.

Stofzuigdilemma

Het zit zo. Ik maak een voorwaartse beweging met de stofzuigerstang en ik zie het mini legoblokje pas op enkele centimeters van de zuigmond. Nu heb ik nog de keuze: de actie onderbreken of niet. Ik ben mij ervan bewust dat doorglijden betekent dat het onfortuinlijke blokje nooit meer het daglicht zal zien. Maar op hetzelfde moment beseft mijn brein dat onderbreken een grotere inspanning vergt dan doorglijden. En tijdens het stofzuigen kies ik liever de weg van de minste weerstand. Mijn geweten komt zich ook moeien, maar door het kabaal van de stofzuiger begrijp ik er geen hol van.
Floep.
Het is gebeurd terwijl ik met mijn ogen knipperde. Niemand heeft het gezien, op enkele verbouwereerde legomannetjes na. Dit was nochtans niet de eerste keer. Ik heb tot nader order geen klachten ontvangen van de gedupeerden.