Dank je, mijnheer Richter

Tijdens mijn late tienerjaren beheerste ik nog de kunst om albums te beluisteren. Ik bedoel dit: ik lag op mijn eenpersoonsbed naar het plafond te staren en alle aandacht ging naar de muziek. Uiteraard dwaalden mijn gedachten af. Gevoelige songs van o.a. Jeff Buckley en Coldplay deden me aan meisjes denken en zware gitaren hielpen me om twijfels en onzekerheden uit mijn hoofd te schudden. Maar het was mij toch vooral om de ontdekking van nieuwe muziek te doen. Ik luister vandaag nog steeds naar nieuwe releases, maar enkel wanneer ik bezig ben met andere dingen zoals poetsen, de was opplooien, lezen, schrijven of praten.

Tot vanavond dus.

Het huis slaapt en ik leg From Sleep van de hedendaagse componist Max Richter op de platenspeler. Ik vlij me neer in de sofa en ik trek het dromerige samenspel van piano en strijkers als een wollen plaid over me heen. De plaat draait me in een lichte trance en ik denk aan niks in het bijzonder, just like the old days. Even later weerklinkt enkel nog gekraak. Ik stap uit de verstilling, draai de plaat om en neem mijn notitieboekje. Ik schrijf op dat ik het nog kan, met dank aan mijnheer Richter. Ook al duurde het amper een zijde van een zalvende plaat.

3 weken werken als zelfstandige in 3 paragrafen

Na drie weken werken als zelfstandige neem ik ‘tijdens de kantooruren’ voor het eerst de tijd om een plaat op te leggen en mij in de zonnige hoek van de zetel te nestelen met een mok koffie in mijn handen. Oorspronkelijk keek ik uit naar de zee van tijd genaamd april. Ik zou even gas terugnemen en eindelijk weer gedichten schrijven in daglicht. Het is anders uitgedraaid en dat is oké zo. Ik zou een rare zelfstandige zijn mocht ik zeggen dat ik liever geen werk heb. Het is druk geweest, ik heb zaken in gang gezet, ik heb gevloekt en geleerd en ik heb me trots maar ook naakt gevoeld. Ik zag het takenlijstje groeien. En af en toe waaiden er uit het niets ideeën mijn hoofd binnen, alsof ik de ramen na afwezigheid wagenwijd had opengezet om het boeltje te verluchten.

Het zelfstandigenstatuut geeft een gevoel van onzekerheid. Maar momenteel is het gevoel van onafhankelijkheid sterker. Ik voel me nu meer regisseur dan speler. Het is een prille verliefdheid, ik weet het, maar ik ben ervan overtuigd dat ik als freelancer mijn definitie van ambitie beter zal kunnen waarmaken. Want ambitie is voor mij geen carrièrewoord. Het is de zoektocht naar een leven zoals ik zelf vind dat het hoort. Wie ben ik? En wat doe ik hier? Schrijver Jeroen Olyslaegers stelde die vragen herhaaldelijk tijdens interviews. Ze zijn zowel pertinent als confronterend. Je kan er moeilijk een eenduidig antwoord op geven en je kan ze volgens mij best regelmatig opnieuw stellen. Misschien zouden wij in dat opzicht beter ‘zingeving’ dan ‘ambitie’ nastreven? Ook de planeet zou opgelucht ademhalen. Misschien kan zingeving zelfs onze grootste ambitie worden.

In de hoek van de zetel zijn mijn gedachten ook bij een vriend wiens jongere zus onverwacht en veel te vroeg is gestorven. We zijn allemaal kwetsbaar en gelukkig staan we daar niet te vaak bij stil. Maar het mag ons wel aanvuren om een leven te leiden zoals we dat zelf het liefst zouden willen, binnen de grenzen van onze mogelijkheden. Of er minstens over nadenken en op zoek gaan naar onze eigen zingeving in plaats van simpelweg te aanvaarden dat het leven ‘is wat het is’. De meesten onder ons hebben die luxe. Het is zoals mijn plaat die naar een einde is gedraaid; gelukkig is er altijd een B-zijde.

Eerste lezer

Af en toe schuif ik een gedicht onder haar neus.
Ze gaapt bij voorbaat, leest wat ik vraag, schuift
de bundel met de glimlach terug en gaat verder
met het leven zoals het is.

Af en toe schuif ik een gedicht van mezelf
onder haar neus. Ze onderdrukt een geeuw
voor de maker die ze lief heeft, leest wat
ik vraag en schuift een mening terug over
het leven zoals het zou kunnen zijn.