De wachtkamer

In de wachtkamer wacht ik op een diagnose die ik al ken. Posters stellen mij vragen die de hypochonder in mij wakker maken. Benauwd? Kortademig? Vermoeid? Tetanus oké? Op een van de affiches staat een man met post-its geplakt op z’n blote lijf. Hij lijkt zichzelf te moeten herinneren aan zijn bestaan. Op elk kleefbriefje staat een medische reminder geschreven. De man hangt hier van zolang ik hier kom. Hoe zou het nu, minstens vijftien jaar later, met hem zijn? Misschien is hij ondertussen dood en dacht hij in zijn laatste momenten terug aan zijn sensibiliserende rol in wachtzalen van dokters.

Ik word uit mijn gedachten gekucht door een dame met looprekje en een grauwe huid. Hoe hard ze ook probeert, haar slijmen blijven plakken. Ik weet niet of ze ooit nog zullen verdwijnen. In de wachtkamer wacht je op beterschap en voor sommigen is dat nu eenmaal de dood. Naast de dame zit een vrouw van ongeveer dezelfde leeftijd. Ze lijken bevriend en bladeren samen door een Dag Allemaal. Ze roddelen over soapacteurs alsof het over hun eigen familie gaat.

Aan mijn andere zijde wordt een bonkige vent in werkkledij opgebeld. Zijn beltoon verandert de wachtzaal in een voetbaltempel. De man klaagt over zijn rug, profiteurs, de teloorgang van de buxushaag en over iemand die zijn plan maar moet leren trekken. Hij klinkt kortademig en ik vraag me af hoe lang het geleden is dat hij een vaccinatie tegen tetanus heeft gekregen. Op het moment dat de man oplegt, zwaait de deur van de praktijk open. “Mijnheer Samson”, zegt mijn huisarts. Van zodra hij de deur achter me dichttrekt, spreekt hij me met mijn voornaam aan. Het ruikt hier naar sigaretten. Ik zeg hem dat ik griep heb. Hij onderzoekt me en bevestigt mijn diagnose. De dokter schrijft me rust en medicatie voor en we schudden elkaar de hand.

Op weg naar buiten zie ik dat de bejaarde vriendinnen de Dag Allemaal hebben ingeruild voor een Story. De slijmen van de grauwe dame blijven zoals verwacht koppig liggen. Het contrast is groot met de magnolia op straat, die in de fleur van zijn leven staat. Insecten komen weer op krachten en vogels fluiten als bouwvakkers voor de schoonheid die zich knopje per knopje ontvouwt voor hun kwieke oogjes. Het is lente in de zomer van mijn leven. Geef me rust en medicatie en binnen enkele dagen sta ik ook weer in bloei.

2 gedachtes over “De wachtkamer

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s